Lenigheid versus evenwicht

Weet jij wat er bedoelt word met flexibiliteit, mobiliteit, balans en stabiliteit?

De ingrediënten die altijd per 2 met mekaar verbonden zijn. En niet zonder mekaar kunnen.

Het liefst van al zien we een soepel bewegend paard door de rijbaan gaan met mooie grote bewegingen volledig in balans. Echter dit is vooraf bepaald door verschillende factoren die een grote rol spelen. Namelijk de mobiliteit en de flexibiliteit. Zorgen voor de bewegelijkheid en de lenigheid. Dit zijn 2 verschillende dingen die vaak door elkaar gehaald worden.

En de balans en stabiliteit zorgen voor het evenwicht in een oefening waarbij het paard zijn gewicht verdeeld over zijn 4 benen en hierbij stabiliteit nodig heeft om de bewegingen perfect af te stemmen op mekaar om niet uit evenwicht te vallen.

 

En het 1 beïnvloed het ander en omgekeerd.

  • De mobiliteit gaat over de gewrichten en bepaald hoever een gewricht kan doorstrekken of buigen en in welke richting. Hoe mobieler de gewrichten zoveel te verder kan het gewricht bewegen. Belangrijk is dat het paard veel beweegt en de gewrichten niet gaan uitdrogen en in conditie blijven.
  • De flexibiliteit van het lichaam wordt bepaald door de spieren en de mobiliteit bepaalt de bewegingscapaciteit van de gewrichten. De flexibiliteit verwijst naar de rekbaarheid van de spieren en kun je trainen door rek en strekoefeningen te doen. Zoals de bovenlijn uitnodigen om langer te worden.

 Het ene paard word van nature leniger geboren dan het andere en dit is voor een stuk erfelijk bepaald maar zegt niet alles. Andere factoren zoals warmte spelen hierin ook een rol. Een paard waarbij de rug warm word gehouden zal minder stijf bewegen bij opstart. Het ras kan een rol spelen en heel belangrijk de elasticiteit van de spieren die aan de uiteindes van de pezen en ligamenten zitten en het vermogen van de spier om te ontspannen. De leeftijd speelt ook een rol en vanaf 8 jaar is het paard volgroeid maar start de natuurlijke degeneratie ook al is het maar heel miniem. Naarmate paarden ouder worden ze dan minder bewegelijk dit ligt dan vaak in de mobiliteit van de gewrichten die achteruit gegaan is.

Dan hebben we het nog over balans. Het paard hoort in balans te lopen in evenwicht. Maar wat is balans nu precies?

  • Bij balans willen we het lichaam zoveel mogelijk in evenwicht houden en controleren tegenover de zwaartekracht waarmee het te maken krijgt. Denk gemakkelijkheids halve aan op 1 been staan is moeilijker dan op 2 benen staan en je valt uit evenwicht doordat de zwaartekracht aan je lichaam trekt. Je spieren zullen beurtelings korter en langer worden om een poging te proberen om het evenwicht te bewaren en niet om te vallen. De balans word beter wanneer het zenuwstelsel preciezer word in het aansturen en coördineren van de spieren.
  • Om je evenwicht te kunnen bewaren heb je stabiliteit nodig die de spieren controleert tijdens de beweging om de balans te bewaren op 1 been ondanks dat de zwaartekracht je lichaam probeert uit balans te trekken. En deze ontwikkel je door oefeningen met de juiste vorm uit te voeren, door de juiste spieren te activeren. Wanneer je elke keer opnieuw een oefening met een correcte houding uitvoert dan ontwikkel je een bepaald aansturingspatroon dat het zenuwstelsel weer herkend en preciezer word in het aansturen en coördineren van de spieren en de balans optimaliseert.

Dus maw. Als jij het perfecte evenwicht vind tussen de spieren aanspannen en ontspannen om op 1 been te blijven staan gaat het zenuwstelsel dit patroon herkennen en veel fijner en met meer coördinatie  de spieren aansturen en kom jij perfect stil in balans.

Een voorbeeld van een paard dat word gereden.

Waarom is het zo moeilijk om een paard rechtuit over 4 benen te rijden?

Meestal heb je het gevoel dat je paard scheef is richting 1 kant. Rij je dan de andere kant op dan heb je nog steeds het gevoel dat je paard de andere kant op sterker is. Dit komt omdat de voorhand smaller is dan de achterhand en je paard eigenlijk een lange driehoek is. En zijn neus is het puntje.

Wanneer je dan langs de wand rijdt dan zal hij het liefst steun zoeken met zijn buitenshouder en achterhand tegen de wand . Want dat helpt hem bij zijn evenwicht t.o.v. de zwaartekracht. Hij loopt dan niet op eigen benen. Hij verliest balans.

Wat wij willen is dat het paard op eigen benen loopt en geen steun zoekt van de wand en dat hij minimaal schoudervoor loopt. Zijn schouders lopen dan precies voor zijn achterhand en dan zou hij perfect in evenwicht zijn.

Echter die verleidelijke wand trekt maar aan zijn schouders. Waarop jij nog meer aan de binnenkant gaat trekken om hem van die buitenschouder af te krijgen waardoor hij nog meer gewicht krijgt op zijn buitenschouder en nu bijna volledig tegen de wand gaat plakken.

Door minder te trekken aan de binnenkant en de buitenkant zowel de schouders als de achterhand naar binnen te zetten, gaat het paard minder last krijgen van de zwaartekracht. Hij gaat meer coördinatie krijgen en controle over zijn spieren en de bewegingen die de spieren maken.  En hierdoor gaat hij stilaan op eigen benen lopen. Hij gaat meer stabieler worden tegenover de zwaartekracht en hierdoor verbeterd zijn balans.

Maar dit is niet iets wat op 1,2,3 is opgelost. Door herhaaldelijk het paard te helpen om evenwicht te vinden tegenover de zwaartekracht ontstaat er een patroon in de aansturing van de spieren en gaat het zenuwstelsel steeds beter, fijner de beweging coördineren t.o.v. de zwaartekracht. Dat is wanneer het paard in balans loopt zijn gewrichten optimaal mobiel kan gebruiken en zijn spieren voldoende flexibiliteit en vermogen hebben om aan te spannen en te ontspannen.

En wanneer je paard uit balans is dan is bovenstaande verhaal dus precies waarom ons paard zo graag tegen de wand loopt.

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: