Het paardenlichaam bestaat uit verschillende structuren die allemaal samen werken en 1 logisch geheel vormen. Wat dat betreft heeft de natuur echt aan alles gedacht.
En heeft ze zelfs een energiebesparende structuur ingebouwd.

 

Hoezo? Energiebesparend systeem?

Ik ga het zo simpel mogelijk uitleggen.

Wel we hebben veel verschillende botten die naast mekaar liggen en verbonden zijn via gewrichten. Om goed naast mekaar te kunnen bewegen bestaan de gewrichten uit volledige schokdempers.
En om de botten te voorzien van beweging zijn er spieren. Die spieren trekken in verschillende richtingen aan de botten. En hierdoor komt het hele skelet in beweging.

Maar waar beweging ontstaat moet er ook energie vrijkomen. Om de spieren langer en korter te kunnen maken en kracht te leveren moet er energie vrijkomen. Die energie komt uit voedingstoffen en zuurstof. Dus als er veel krachtige, sterke en snelle beweging moet plaats vinden komt er veel energie vrij. Het lichaam gebruikt uit de energiecellen de inhoud en het omhulsel voert ze af in de vorm van afvalstoffen in het systeem.

Als er nu teveel afvalstoffen afgevoerd moeten worden en het lichaam krijgt het niet bol gewerkt dan ontstaat er verzuring en die blijft achter in de spieren en zo ontstaat spierpijn. Om spierpijn te voorkomen moeten we dus op tijd even rust nemen en het lichaam laten recupereren.

 

Een voorbeeld:

Om het paard te rijden in oprichting en verzameling. Moeten de halsspieren de halswervels optillen, vasthouden en stabiliseren gedurende een hele tijd. Wij vragen dit van ons paard zonder te beseffen dat dit dus mega zwaar werken is. Vergelijk het met je armen voor je uit houden en je mag ze niet laten zakken. Sterker nog ik leg er 5 kg bovenop. Heb je beeld?

Als een paard dit een uur moet volhouden zonder even op lengte te komen dan krijg je gegarandeerd verzuring met als gevolg, spierpijn met als gevolg, je paard gaat slechter buigen en dragen, met als gevolg tegen de hand zijn, met als gevolg zonder kunde om dit te herkennen met als gevolg, een hand die nog sterker zal gaan inwerken om de oprichting toch voor mekaar te krijgen.

Moeder natuur heeft daar wat op voorzien.

En het is zo simpel en grandioos als je weet hoe het werkt. Het grootste deel van de tijd loopt het paard met zijn hoofd laag aan de grond tijdens het grazen. De halsspieren werken dan echt op de energiebesparende stand. Wat wil zeggen dat ze in ontspanning niet zorgen voor stabiliteit van de wervels en gewrichten. Moest er geen huid rond het paard zitten zijn hoofd zou prompt van zijn hals afvallen .

Dus moeder natuur bouwde het ligamentum nuchae in wat een dikke vlecht is die begint achter de schedel onder de manenkam en doorloopt tot aan de shoft. Van daaruit gaat het ligamentum nuchae over in het ligamentum supraspinale. En die vlecht heeft allemaal zijtakken en waaiert naar elke halswervel en elke rugwervel.
Waardoor hij ervoor zorgt dat het hoofd aan de hals blijft zitten en de halswervels en de volledige wervelkolom perfect naast mekaar gerangschikt blijven als de hals laag is en de spieren kunnen ontspannen. Het lig.nuchae is de energiebesparende structuur die de spieren tijdelijk ontlast.

Het lig.nuchae en lig. Supraspinale komt volledig op rek en zorgt ervoor dat de wervelkolom als een waaier de wervels tov mekaar en uit mekaar houd en ervoor zorgt dat de doornuitsteeksel mekaar niet raken want dat is pijnlijk en kan uitgroeien tot kissing spines.

 

Of je nu op het paard zit of het paard in een neutrale houding staat. Het blijft altijd van belang om ervoor te zorgen dat de wervelkolom omhoog blijft.

Bij een hoge halshouding spreken we de buikspieren aan om de wervelkolom op te tillen. Bij een lage halshouding houd het lig.supraspinale de wervelkolom omhoog. Het paard heeft hierdoor altijd een sterke rug.

Op voorwaarde dat we goed zorg dragen voor de bespiering en dat we ze sterk maken en aan het werk zetten maar evengoed dat we ze op tijd laten ontspannen en de tijd geven te recuperen.

Wanneer dit ons rijtechnisch allemaal net niet goed lukt ontstaat er het gevaar voor blessures.

Mogelijke blessures die kunnen ontstaan.
Oa.
Bij de spieren is de tonus die er op zijn beurt voor zorgt dat de beweging sterk achteruit gaat.
En gaat zorgen voor compensatie, wat ervoor zorgt dat de gewrichten te weinig bewegen en de schokdempers ongelijkmatig worden gebruikt.

Bij het lig. Nuchae en het lig. Supraspinale kunnen ook blessures ontstaan en vaak zijn dit slijmbeursontstekingen aan het begin van de aanhechting net achter de schedel en de 1ste en 2 de halswervel. Die zelfs chronisch kunnen worden. Vaak ontstaan ze door een herhaaldelijk trauma vb vasthangen of in sommige gevallen een infectie.
Wat we dan vaak zien is dat de hals na de hoofdhalsverbinding opgezet is, asymmetrisch is opgevuld door de ontsteking die zich daar bevind en erg pijnlijk is.

Het paard zal een stijve hals hebben moeilijk inbuigen en afbuigen. Mogelijk hoofdschudden en aanleunings problemen hebben. En voornamelijk lopen met de neus ver voor de loodlijn uit. En weinig beweging in de hals tijdens het stappen.

Maar als we dus goed zorg dragen voor de houding van het paard. Genoeg variëren. De spieren de tijd geven om sterk te worden en te ontwikkelen. En ze tijdig te laten ontspannen door niet enkel de spieren effectief te laten samenwerken maar alle structuren te laten samenwerken in het lichaam waarvoor ze bedoeld zijn.

Dan gebruiken we het lichaam zo efficiënt mogelijk en sluiten we zoveel mogelijk blessures uit.

Het paardenlichaam zit gewoon echt goed in mekaar tis aan ons om te ontdekken wat waar zit hoe het werkt en hoe het ons kan helpen.

Paarden houden betekent altijd nauwlettend het management van je paard op de voet opvolgen.
Om het minste opkomend euvel de kiem in te smoren.

Wanneer het kleine probleem kan uitgroeien tot een grote blessure dan is het eigenlijk al in een veel te ver gevorderd stadium dat steeds moeilijker onomkeerbaar word. Waar het paard ongetwijfeld groot ongemak van heeft. En we willen toch allemaal het beste voor ons paard.

We kijken even naar de 5 meest voorkomende problemen die we met goed management kunnen vermijden.

 

Hypertonie van de rugspieren en lendenen.

Hypertonie wil zeggen dat de spieren een verhoogde tonus (aanspanning) hebben en ze steeds meer moeite krijgen met aan en ontspannen. Wanneer deze steeds minder goed doorbloed geraken worden ze gevoelig en pijnlijk en zorgen ze dat het paard gaat compenseren (anders bewegen) in het lichaam. We zien dit vaak in de rugspieren en de overgang naar de lendenen. Een rug die vast zit noemen we het in de volksmond, wat als resultaat heeft dat het paard niet meer los door zijn lijf beweegt. En in meerdere spiergroepen in het lichaam beperkt worden.

 

SpierAtrofie rug en hals.

Atrofie wil zeggen spieren die matig tot volledig verdwenen zijn en nog maar heel beperkt werken. We zien het vaak terug in de hals en in de rug.

– In de hals is de oorzaak vaak het verkeerd aanspannen van de halsspieren ten gevolge van de ruiter die te sterk inwerkt en waarbij het paard moeite doet om de druk te vermijden door de verkeerde spieren aan te spannen. We willen juist zien dat het paard de bovenlijn in de halspieren aanspant maar door de sterke inwerking gebruikt het paard juist de onderhalsspieren die op hun beurt dan weer hypertoon zijn geworden. En de bovenhalsspieren atroof worden.

– In de rug is de oorzaak in 75 % van de gevallen een zadel dat slecht past en knelt waardoor de bespiering beschadigt en afbreekt. Een zadel dat knelt voorkomt dat het paard zijn schoft kan liften en zijn rug kan opbollen. Langs de ruglijn zitten reflex punten als het zadel hier constant op drukt dan drukt het paard zijn rug weg hoeveel wij ook vragen om de buikspieren aan te spannen en de bovenlijn beter te gebruiken.

– Geen beweging, een voerrantsoen dat te karig is kunnen ook allemaal een onderliggende oorzaak hebben voor spieratrofie.

 

Pijnlijke spieren.

Wanneer paarden heel eenzijdig getraind worden en er continue moeilijke oefeningen van hem gevraagd worden kunnen de spieren verzuren en erg pijnlijk worden. Dit kan 36 u tot 72 u duren. Paarden gaan dan stijf bewegen of liefst zoveel mogelijk beweging vermijden.
De pijnlijkheid komt verder uit het eiwit myoglobine wat een zuurstofbindend eiwit is dat in grote hoeveelheden voorkomt in de spieren en zorgt voor het herstel van spieren.
Spierpijn moet na enige tijd vanzelf weer overgaan. Gebeurd dit niet en blijft het paard veel last van spierpijn houden die niet in verhouding staat tov de fysieke inspanningen die het paard doet dan neemt men best contact op met de dierenarts.
Belangrijk is om altijd te zorgen voor een goede warming up en cooling down waarbij de spieren naderhand nog warm worden gehouden en het herstel sneller en minder pijnlijk verloopt.

 

Blokkades en mobiliteitsproblemen >< beperkte beweging.

Zien we vaak terug in de hals, rug en si-gewricht.

– De meeste spanning zit bij de onderhals en de atlas. Hier vind je de meeste blokkades terug.
Wanneer het paard te veel zijn halsspieren verkeerd aanspant dan zal het op de verkeerde plaatsen bespierd geraken en de halswervel gewrichten beperken in laterale buiging ( links en rechts) en afbuigen van de hals ( bovenlijn aanspannen).

– Om de bovenlijn goed te kunnen opbollen en voldoende lengtebuiging te kunnen laten aannemen is het van belang dat de wervelkolom zijn flexibiliteit in elk facetgewrichtje optimaal is.
Elk facetgewricht verbind de ene wervel met de andere wervel. Wanneer de wervelkolom geen facetgewrichtjes zou hebben dan zou de wervelkolom star en stug zijn en niet kunnen bewegen. De paarden zouden dan houterig en stijf lopen.

Wanneer de facetgewrichten voor langere tijd beperkt worden door bijv. een zadel dat niet past of de techniek van de ruiter die niet handig genoeg is om het paard te rijden met een goede aangespannen rug, dan kunnen de Facetgewrichten beschadigen en ontstoken geraken. En zeer pijnlijk worden.

– Blokkades of asymmetrie van de beweging van het si-gewricht. Kan voortvloeien uit rugproblemen, pijnlijk spronggewricht, artrose in de benen, peesblessures,overmatige links of rechtshandigheid die niet word gecorrigeerd, compensatie in het lichaam als gevolg van…

 

Verstoord musculair functioneren.

Spieren worden aangestuurd door het zenuwstelsel. En het zenuwstelsel is als een telefoonlijn die vertrekt vanuit de hersenen. Prikkels voelt in en rondom het lichaam en hier meteen met een reactie op reageert. Wanneer spieren in een slechte conditie zijn waar ik het in de vorige puntjes al over heb gehad dan is het voor het zenuwstelsel moeilijker om de spier perfect aan te sturen zonder ruis op de telefoonlijn. Wat we dan zien is dat het paard in milde of zware vorm coördinatie problemen heeft. En een afwijkend bewegingspatroon vertoond.

– Dit kan veroorzaakt worden acuut door een trauma van buitenaf.
– Of aangeboren
– Of ouderdom vaak noemen we dit ouderdomsproblemen.
– Maar beschadiging door slecht passend harnachement is ook een mogelijkheid.
– Of de inwerking van de ruiter die jarenlang met teveel druk is uitgeoefend. Waarbij de structuren in het lichaam verkeerd belast werden en teveel druk funest werd voor de optimale werking.

 

Samenvatting;

Een paard is een groot dier met een grote complexiteit in het ganse skelet, spieren, gewrichten en aansturingen.
Alles hangt heel nauw samen met elkaar en heeft ongetwijfeld invloed op mekaar. Waar we heel goed zorg voor moeten dragen. Als we willen dat ons paard gezond blijft functioneren bij het dragen van een ruiter.
Tijdig je paard ondersteunen bij herstelprocessen en de spieren in conditie houden kun je in feite net zo goed als een basisconditie omschrijven die heel erg belangrijk en noodzakelijk is.

 

Als we plaats nemen op de rug van het paard zitten we letterlijk op de rugwervels.
Die een volledige verbinding vormen tussen de voorhand en de achterhand. Met ligamentjes , pezen, spiertjes en vele gewrichtjes zorgen zij voor stabiliteit , ondersteuning en de mogelijkheid tot bewegen.

Om plaats te kunnen nemen is het van groot belang dat er aan het verloop van de rug veel aandacht word besteed en de houding.

Voor het paard is het voordeligst als deze de ruiter kan dragen met een sterke rug die goed bespierd is . Want een sterke rug is als een sterke stevige stabiele brug die ervoor zorgt dat de uiteindes van de rugwervels als een waaier uit mekaar staan.
Een rug die keer op keer slap is en nog moet dragen loopt een groot risico op het tegen mekaar komen van de rugwervels wat zeer pijnlijk is en beschadigingen met zich meebrengt.

Hoe zorg je ervoor dat een rug getraind word?

Dit doen we via de buikspieren.
Door de buikspieren te prikkelen worden de buikspieren korter en de rugspieren langer.
Prikkel je de buikspieren niet dan worden de buikspieren langer en de rugspieren korter. Je paard loopt dan met een holle rug en een hoge hals houding.

Moeten we nog iets doen?

Ja bij de buikspieren horen ook de borstspieren. Het aanspannen van de borstpieren zorgt ervoor dat het schoftgebied gelift word en het verloop van de rugbespiering op zijn beurt zorgt voor het goed openen en sluiten van het bekkengewricht.

Loopt het paard met zijn hals hoog, tegen de hand dan is de shoft het laagste punt de rug weg gedrukt en kan het bekken niet voldoende openen en sluiten. En ontstaat er een beperkte beweging , stabiliteit en ondersteuning van de rug.

Hoe prikkel je de borstspieren?

Bij het plaats nemen op de rug. Ga je het paard de gelegenheid geven om de hand te vertrouwen en deze te volgen. Volgen wil zeggen in een voorwaarts neerwaartse tendens . Omdat dan de shoft gelift word. Afhankelijk van het stadium van je training word de shoft gemiddeld en ten volle gelift.