Ik kreeg de volgende vraag.

Mijn connemarapony kan prima buigen in zijn hals. Maar achter zijn kaak vind hij het moeilijk. Hij is daar natuurlijk best fors. Als ik wil verruimen op een volte wil hij zich direct recht maken. Hij vind het heel moeilijk om dan gebogen te blijven in zijn lijf. Heb jij tips voor mij?

Als je naar de hoofdhals verbinding kijkt zie je dat deze tamelijk zwaar is. Wat ervoor zorgt dat de speekselklier net achter de kaak vrij beperkt komt te zitten. Dus je pony zal proberen om hier zo min mogelijk te hoeven buigen.

Connemara’s zijn van nature ook nog eens voorzien van een stel mooie zware kaken wat je zal terug voelen in je hand. Ze kunnen dus heel gemakkelijk moeilijk bestuurbaar worden als ze aanvoelen dat het exterieur beperkt is tegenover de oefening.

Zorg dat de bovenlijn in een mooie contactteugel word gereden en houd de achterhand actief. Hierin ga je heel veel overgangen gaan rijden en schakelen.
Wissel hierbij af om in contrabuiging te rijden en met binnenstelling.
Als je schakelt let erop dat je heel zachtjes opschakelt zonder dat je pony ervan schrikt. Want dan druk je hem meteen in je hand. Terug rijden ook heel zachtjes aan in stukjes.

Wat bij mij altijd hielp was dat ik dacht aan autorijden en opschakelen en terugschakelen. Voor een bocht schakel je soms even terg naar 3 om dan weer naar 4 te gaan.

Als je pony zich in de lengtebuiging graag recht maakt probeert hij het voor mekaar te krijgen om zo min mogelijk het binnenachterbeen naar het zwaartepunt toe te brengen om buiging in zijn si-gewricht en knieën te vermijden.
1 x per week balkjes rijden helpt hierbij. Hiervoor moeten ze hun benen goed optillen en word je pony soepeler in zijn spronggewricht en kniegewricht.

En zoals met alles oefening baart kunst.
Heel veel succes.

Als we gaan rijden dan zijn de meeste van ons gefocust op de houding. Want we moeten zo snel mogelijk ervoor zorgen dat het paard in dé houding loopt. En dé houding is dat het paard voorwaarts neerwaarts loopt. Waarom ? Omdat het zo verteld is of omdat we weten dat het paard de rug omhoog hoort te brengen en de achterbenen voorwaarts moeten grijpen.

Waarom ?

Ik ga toch nog even een korte logische samenvatting maken. Het paard moet actief naar voren lopen zijn buikspieren aanspannen waardoor de rug zal opbollen en de bovenlijn mooi zal aanspannen. De beweging begint altijd vanuit het achterbeen vandaar dat hij van achter naar voor moet gereden worden en niet andersom. Het paard ervaart de contactteugel als aangenaam en zal de hand volgen als het paard uitgenodigd word om de bovenlijn langer te maken. Alle wervels in de wervelkolom worden nu als een waaier geopend en het paard is in staat om de ruiter nu goed te kunnen dragen. Zonder hierbij zelf ongemak te ervaren.

Hoe ?

  • Je paard moet ontspannen lopen en altijd de voorwaartse drang naar voor hebben.
  • Je paard maakt een zacht contact met de hand en neemt de verbinding aan.
  • Je paard moet je hand naar voren willen volgen als je toestaat.
  • En je paard moet goed aan het been zijn.
  • Je voelt je paard soepel en gemakkelijk bewegen.

Wat ik wel eens om mij heen zie is de look a like houding !

Vaak loopt het paard ontspannen maar ontbreekt het aan voorwaartse energie. De hals word horizontaal en laag gedragen en het neusje is er vaak net uit. De ruiter is gefocust op ontspanning en terecht en op een zachte verbinding maar er gebeurd helemaal niets. Het is niet omdat de hals horizontaal of laag is dat het paard de bovenlijn dan goed aanspant of de buikspieren goed gebruikt. Deze ruiter wil het heel erg goed doen en hierbij het paard niet forceren. Daar ben ik het helemaal mee eens. Maar omdat de beweging energie mist gaan de spieren niet goed aangesproken worden. En gebeurd het dus dat het paard nog altijd met een holle rug loopt waardoor de toppen van de wervels in de wervelkolom grote kans maken om tegen mekaar te komen. En voor erg veel ongemak en pijn kunnen zorgen.

Hoe voel jij of je paard goed over de rug loopt ?

Je begint altijd met je paard actief te laten stappen en je neemt een zacht of een licht contact met de mond. Als je paard de hand vertrouwt dan zal hij de verbinding aangaan. En blijf je vering voelen. Geef je teveel been en je paard word te gehaast dan zal je paard in je hand gaan duwen en dan word je paard tegen de hand. Dan ga je iets minder been geven maar je blijft wel een actieve voorwaartse drang nastreven. Als de verbinding goed is nodig je het paard uit om je hand te volgen wanneer je een klein stukje toestaat. Ondertussen blijf jij wel de activiteit onderhouden. Je moet altijd het gevoel behouden dat je meer been geeft dan dat jij je hand sluit. Er is niks mis mee de hand te sluiten en je paard neerwaarts te vragen zolang de aanvulling van je been maar meer is. Wanneer is je been teveel? Als je paard tegen de hand komt.

Daag je paard uit om een harmonica te worden.

Hoe zorgen we er dan voor om de buikspieren goed te laten werken? Wel in stap gaan we vragen dat het paard groter gaat stappen en meer schoudervrijheid zal krijgen. De gedachte en intentie in je hoofd hebben dat je voor een 7 moet gaan stappen kan je daarbij helpen.

In draf ga je schakelen. Denk aan het rijden in een auto je hebt 6 versnellingen. 1 is naar stap 2 is naar een grotere stap. 3 is aandraven, 4 is actiever gaan draven, 5 en 6 is nog groter en actiever draven. En is zeker in begin niet de bedoeling dat je dit lang volhoud. Maar wanneer je in 3 zit sta je hand een stukje toe en vul dit aan met je been schakel op naar 4. Een halve grote volte en weer terug naar 3 . En zo ga je steeds schakelen van 3 naar 4 naar 5 en weer heel zachtjes terug op je zit,zonder hand hulp. En als jij in deze 6 versnellingen goed kan gaan schakelen dan heb jij de buikspieren erg goed aan het werk gezet dan voel je dat de achterbenen veel actiever worden en het bekken beter gaat kantelen en de bovenlijn echt gaat opbollen.

Ik weet zeker dat je paard dan zijn rug goed gebruikt zijn wervels mooi geopend zijn en de buikspieren ten volle getraind worden. En je een mooi actief achterbeen gaat krijgen. Want het paard moet juist leren om groot en klein te draven. Groot betekend voorwaarts neerwaarts. Klein betekend bekken meer gekanteld en een korter frame waarin je paard beweegt. Tis absoluut niet de bedoeling om je paard in mekaar te trekken maar juist eerst uit te nodigen om groter en langer te worden actief naar voren en in deze lengte te leren gaan schakelen en je paard met een aangespannen rug die je behoud in overgangen terug, terug te laten schakelen. Net zoals een harmonica.

Wanneer je hiermee aan de slag gaat. Dan kan het zomaar zijn dat je paard tijd nodig heeft om je hand te leren vertrouwen. En je hier dus enkele weken mee aan de slag moet. Maar het is wel een goede basis waarvan alles natuurlijk begint. En die je goed wil bevestigen.

Rome is ook niet op 1 dag gebouwd. Dus neem je tijd hiervoor en heb geduld.

Veel succes Oona

 

 

 

 

 

Je ziet iets aan de beweging van je paard en je kan het niet thuis brengen. Loopt je paard nu kreupel of is er wat anders aan de hand?

Als een paard een afwijkend bewegingspatroon heeft van de normale tact in de gangen dan is er een mogelijkheid dat je paard atactisch is. In de volksmond zeggen we coördinatie problemen bij het aansturen van bewegingen.

Bewegingen vinden plaats wanneer spieren aan het skelet trekken. En een spier die word aangestuurd vanuit het zenuwstelsel d.m.v. een prikkel. Als er ergens in het lichaam een zenuw geklemd zit of beschadigd is gebeuren er fouten in de aansturing van de spieren wat zich uit in te traag zijn, het verkeerde moment, te weinig, … er ontstaan milde of ernstigere onregelmatigheden wat we terug zien in een beweging die afwijkt.

Wat is het zenuwstelsel en hoe zorgt het in normale omstandigheden voor beweging?

Het zenuwstelsel is een zeer ingewikkelde lichaamssysteem en bestaat uit de hersenen, het ruggenmerg en een zeer uitgebreid netwerk van zenuwen die vertakken .

Het word actief door bliksemsnelle prikkels die plaatsvinden in of aan het lichaam. Bijv wanneer je iets heet aanraakt reageert je zenuwstelsel meteen supersnel door met je hand terug te trekken. Hij geeft peil snel een commando aan je spieren die nodig zijn om de beweging te laten plaats vinden die je hand terug trekt dit gebeurd onbewust en razendsnel. Het is ook nodig dat dit systeem razendsnel en optimaal werkt om te kunnen overleven. Zou de zenuw bij de aansturing verstoord geweest zijn dan had je hand waarschijnlijk verbrand geweest omdat de coördinatie van de beweging verstoord was.

Het zenuwstelsel coördineert ook alle andere stelsels zowel bewust als onbewust en daarom staat aan het begin van elke beweging hoe klein ze ook is. Het heeft controle over alle bewuste en onbewuste bewegingen. Onbewust beweging is het hart dat automatisch klopt. Bewust is als een paard met zijn hoef tegen de staldeur bonkt.

Uit wat bestaat het zenuwstelsel?

Het bestaat uit grote hoeveelheden zenuwcellen. Die allemaal samenwerken en boodschappen doorheen het hele lichaam sturen. Het is eigenlijk een netwerk van draden die informatie doorsturen naar de hersenen en weer terug met een boodschap naar de spieren om een contractie te laten plaats vinden.

Wat doet het centrale zenuwstelsel?

Het centrale zenuwstelsel bestaat uit hersenen en ruggenmerg en zijn het centrum van het zenuwstelsel het zit in de schedel waar het goed beschermd is voor beschadiging van buitenaf. Het activeert alle systemen waar nodig en activeert de spieren.

Het ruggenmerg loopt in het midden door een tunnel door de halswervels en de wervelkolom van de rug. Het is een aaneenschakeling van vezels en cellen waarlangs de informatie en aansturingen plaats vinden tussen de hersenen en alle andere delen en ledematen van het lichaam het vertrekt in de hersenen en bij de eerste halswervel tot aan het si-gewricht en vertakt zich op verschillende plaatsen.

Wat gebeurd er wanneer zenuwcellen beschadigd zijn?

Dan word de boodschap die de hersenen uitstuurt via het ruggenmerg slecht aangestuurd en zien we dus afwijkingen in de beweging. Het is dus naast spieren die in conditie moeten zijn nog een fragiel systeem dat zeer belangrijk is.

Welke afwijkingen zien we wanneer het zenuwstelsel mogelijk verstoord is.

Spieratrofie de afname van spieren ten gevolge van harnachement dat niet goed aanpast kunnen de zenuwuiteinde beschadigen.
Afwijkingen van het gebruik van de wervelkolom en de bijhorende structuren.
Verlies van tact en regelmaat in de beweging.
Verschil in flexie en extensie van de beengewrichten.
Weinig reactie op reflextesten.

Wat als je paard een afwijkend bewegingspatroon laat zien?

Wanneer het paard atactisch is bevonden is het van groot belang dat er word gezocht naar de oorsprong die afwijkt. Komt de afwijkende coördinatie verder uit het hersen gedeelte of komt ze verder uit de wervelkolom die door een trauma beschadigt is geraakt.

In een universitair ziekenhuis kan er een MEPP test gedaan word die uitmeet hoe de reactiesnelheid bij reflextesten verloopt.
Daarbij kan men nog bijkomende foto’s maken van de halswervels of de wervelkolom om te kijken of er tussen de verschillende wervels voldoende ruimte aanwezig is om langs mekaar heen te bewegen.

De diagnose die daaruit volgt bespreekt de dierenarts met je en hierbij geeft hij gepast advies over de mogelijke herstelkansen. Maar die is afhankelijk van paard tot paard en van de tijd die zit tussen het vaststellen van de ataxie en de ondersteuning met medicijnen.

En bij een groot deel van de paarden is er helaas geen voldoende herstel mogelijk.