Elk jaar de tandarts op bezoek, bij de meeste is het wel een vast agenda item geworden inmiddels. Gelukkig maar.

Afgelopen week kwam de tandarts bij ons ook op bezoek want het was inmiddels alweer een jaar geleden. Wanneer ik ga masseren vraag ik altijd hoe lang is het geleden dat de tandarts is geweest? Je kunt je misschien dan wel afvragen waarom vraagt ze dit nu en wat hebben de tanden nu verband met de rest van het lichaam?
Om aan het hoofd een afwijking te constateren dit word al een beetje moeilijker natuurlijk. De schedel bestaat uit immers 2 grote massieve delen en we kunnen nog net onthouden dat het belangrijk is dat de tandarts elk jaar komt,  dat er veel zenuwen lopen en dat er discussies gevoerd worden over rijden met bit en rijden zonder bit.
Maar ik ga even een beknopte versie geven van wat we allemaal over het hoofd zouden kunnen zien. Zodat jij het hele jaar goed voorbereid bent en het kleinste detail niet mist.
Wat ons meestal als eerste opvalt als we naar een hoofd kijken is dat een hoofd groot is of eerder klein.

En wat doet het hoofd eigenlijk precies ?

Het hoofd zorgt voor bescherming van de ogen de neus de oren en de hersenen. Dit is zeer belangrijk want de hersenen en het ruggenmerg vormen samen het zenuwstelsel dat hun oorsprong vind in de schedel waar het goed beschermd word en alle andere systemen aanstuurt.
Het hoofd vertelt ons vaak hoe het mentaal met ons paard is. Kijkt hij wakker en alert of is hij eerder in zichzelf gekeerd. We kunnen ook zien wanneer een paard gestrest is en wanneer hij dingen als niet fijn ervaart door zijn oren achteruit te leggen. Net als bij de mens heeft het paard gezichtstrekken . En dit is niet altijd even gemakkelijk om ze goed te kunnen lezen. We kennen allemaal wel de verdrietige paarden en de boze paarden en de paarden die er heel nieuwsgierig uit zien. Maar vergeet niet om er geregeld bij stil te staan waarom is mijn paard gestrest waarom ervaart hij niet alles wat wij “heel simpel” van hem vragen? Wel soms lukt het ze gewoon niet en zien we wel eens iets over het hoofd.
Het hoofd bestaat uit 2 delen de bovenkaak en de onderkaak  deze zitten aan mekaar via het kaakgewricht. Hier kan veel spanning op ontstaan. Door de kauwspieren aan de buitenzijde van het hoofd goed te bekijken en te vergelijken met links en rechts kunnen we vroegtijdig tandproblemen opsporen. Scheve tanden zorgen voor extra spanning op het kaakgewricht en de zenuwbanen worden verstoord. Ter hoogte van de oogkas zitten de kauwspieren en kunnen we zien of deze links en rechts gelijkmatig ontwikkeld zijn. Als het paard bijv. meer kauwt met zijn linker kiezen. Dan zal de linker kauwspier groter en meer opgezet zijn. Als je dan aan de zijkanten een beetje druk geeft zal je merken dat het linker kauwgewricht minder druk kan ervaren wat vaak aangeeft dat er meer slijtage aan het gebit links zal zijn. Verhoogde spanning op het kaakgewricht zorgt voor spanning in het gehele lichaam van het paard. Vaak kan het paard zijn hoofd minder goed draaien, denk maar eens welke stelling en buiging er moeilijker gaat.
Dan komen we bij de occiput ( verbinding schedel-hals)  dit is de hoofd hals overgang. Hier is het ligamentum nuchae aan vast gehecht. Wat het hoofd moet dragen en de hals samen met de verschillende spieren optilt en stabiliseert.  Wanneer er spanning ontstaat in de hals overgang die mede kan ontstaan vanuit het kaakgewricht dan kunnen de zenuwen minder goed de spieren aansturen en vind het paard het lastig om zijn voeten neer te zetten op de juiste plaats.

En zo ontstaat een eerste afwijkend bewegings patroon. Die we eigenlijk niet meteen zouden linken met tandproblemen.

Het is dan ook van groot belang dat de tanden ten allen tijde goed bijgehouden worden als de tanden aan 1 zijde in onbalans zijn is het moeilijker voor het paard de bovenkaak goed aan te sluiten op de onderkaak en vaak om dit symptoom te bestrijden word dan de neusriem goed aangetrokken om de kaken dicht te houden waardoor er weer meer spanning op het kaakgewricht komt. Op de neus ter hoogte van jukbeenderen bevind zich het centrale zenuwstelsel. Wanneer we de neusriem helemaal dicht sperren kan dit leiden tot een tijdelijke verlamming  van de neus en word de doorbloeding vermindert. En ik had je net vertelt dat wanneer spieren slecht worden aangestuurd het paard het lastig vind om zijn voeten te plaatsen daar waar ze eigenlijk zouden moeten landen.Maar we hebben allemaal al wel eens gemerkt dat het paard tijdens het afzadelen wil gaan schuren met het hoofd. Dit om de doorbloeding in de neus weer wat beter op gang te krijgen. Echter als het zweet op zijn hoofd staat wil hij er ook graag vanaf.

Ooit al eens bij stil gestaan? Misschien is het wel weer tijd voor de tandarts controle?

 

Oona.

 

 

Hoe werken spierketens samen ?

Een bovenlijn een onderlijn, actief voorwaarts rijden en energie aan de voorkant opvangen? Dat is de samenvatting van de dorsale en ventrale spierketen die samenwerken.

Hoe ?

Het samenwerken van spierketens gebeurd automatisch. Maar het is wel van belang dat we ze in balans brengen.
De voorhand draagt 60% van het gewicht en de achterhand daar waar de motor zit draagt 40 % van het gewicht. Als we het paard beginnen te trainen richting een horizontaal evenwicht willen we gaan nastreven dat het gewicht 50/50 % verdeeld word om een correcte beweging te kunnen garanderen.

Waar?

We hebben 2 grote spierketens bij het paard en dit is de dorsale spierketen die bevind zich in de bovenlijn en is betrokken bij de voorwaartse beweging. En deze bestaat uit de strekspieren. De splenius, trapezius, romboideus, serratus ventralis, longissimus , gluteus, biceps femoris, en de hamstrings.

De ventrale spierketen die bevind zich aan de onderzijde en is betrokken bij het ondersteunen en nastreven van de correcte houding en het werken in de verzameling. En bestaat uit de brachiochepalicus, sternochepalicus, de borstspieren, de buikspieren, de lumbosacrale overgang onderzijde de iliopsoas en de tensor facia lata.

Wanneer?

De bovenlijn en onderlijn werken als een kettingreactie samen met mekaar. Ze werken in groepen, paren en schakels en vormen samen een volledige spierketen.
Maar vaak is men enkel gefocust op de bespiering in de bovenlijn aan te spannen en vergeet men de buikspieren.

Wat je eigenlijk wil is dat de buikspieren geprikkeld worden waardoor je paard zijn buikspieren zal gaan aanspannen en de spieren in de bovenlijn zal langer maken. Echter is de lange rugspier de longissimus dorsi ergens geblokkeerd of verkrampt dan zal het paard moeite krijgen met het goed aanspannen van de buikspieren. En kan dit effect hebben op beide spierketen. De minste spanning die je bewust of onbewust met je handen bewerkstelligt kan het paard als tegenreactie zijn bovenlijn hol maken. Want hij had al moeite om de de rugspier langer te maken. En bij dwang wanneer het paard niet losgelaten beweegt gaat hij zijn hals aanspannen en omhoog brengen.

De dorsale keten is in werking als het paard zijn heupgewricht opent en zijn lichaam vooruit stuwt.
De ventrale keten is in werking als het paard zijn achterbeen ondertreed.
Wanneer het paard zijn rug vasthoud bovenzijde is het moeilijker om het bekken goed te laten kantelen wanneer het achterbeen ver voorwaarts moet grijpen. Het resultaat is dat de rug niet genoeg op lengte komt en de buik niet genoeg aanspant.

  • Oefeningen om de buikspieren goed te trainen zijn vlotte overgangen rijden.
  • Voorwaarts neerwaarts rijden in draf en galop.
  • Cavaletti training en heuveltraining.

 

Waar gaat het geregeld mis?

Tis dus niet genoeg om de hals enkel laag te vragen en vervolgens de buikspieren niet te prikkelen. De rug komt dan wel omhoog maar de buikspieren doen zonder voldoende voorwaartse activiteit nog niet genoeg. Omdat de beweging vanuit het achterbeen begint is het daarom altijd belangrijk dat het paard voorwaarts gereden word met voldoende energie en die word opgevangen aan de voorzijde.
Voel je dat de druk in de verbinding te hoog of te zwaar word dan rijd je teveel voorwaarts .
Paardrijden gaat met gevoel en je zal moeten voelen met hoeveel been jij je hand moet aanvullen. De verbinding hoort lekker elastisch aanvoelt en gemakkelijk en je voelt de energie van vanachteren stromen.

Heb jij enig idee hoe jouw paard van nature beweegt en welke spiergroep meer aandacht moet krijgen?

Ga eens goed kijken welke verschillen je allemaal kan waarnemen tijdens het longeren. En denk dan aan tempo, halshouding horizontaal, halshouding verticaal, valt het paard naar binnen of naar buiten,  hoe beweegt de rug, hoe groot is de paslengte je zult versteld staan van de verschillen die je zal ontdekken. je weet meteen weer waar je in verbeterd ben en waar nog huiswerk te maken valt.

Succes Oona.

 

 

 

 

DSC00160

Paardrijden blijft een proces en soms lijkt het wel ingewikkelder te worden met de dag.

Paardrijden op zich is 1 grote puzzel van wel duizenden stukjes. Stap voor stap ga je ontdekken hoe je deze puzzel hoort te leggen. Veel puzzelaars hebben uiteraard elk een eigen mening en strategie hierover die voor hun super goed werkte. En vandaag wil ik jouw vertellen hoe ik dagelijks lekker puzzel en wat voor mij werkt.

 

Aan de slag

Echter iedereen is verschillend en ervaart dingen op een andere manier waardoor sommige methodes je juist helemaal niet liggen. Jouw zoektocht begint al bij het zoeken naar een methode die jij begrijpt en waar jij je goed bij voelt en je paard zich goed bij voelt. Dan pas kun je successen gaan halen.  Als je eenmaal door hebt hoe je een training goed opbouwt en je weet nu waar je naar verbetering moet gaan zoeken en welke oefeningen je hiervoor kan inzetten.
Is je paard soepel voordat jij er erg in hebt.

Zullen we beginnen bij het begin?

Beginnen bij de basis is de grootste stap in de goeie richting. Als je dan later terug kijkt vanwaar je komt en waar je nu staat dan pas zie je de groei in jullie trainingen. En gaat het een keer wat minder dan kun je nog altijd terug vallen en enkele checks gaan testen en kijken waar gaat het nog wel goed.

Door steevast tijdens het instappen en het losrijden enkele simpele oefeningen te controleren kom je erachter waar jouw paard vandaag moeite mee heeft. Want je wil graag gaan zoeken naar controle over tempo, richting , ritme, energie en een contact teugel. Als er eentje is die een beetje hapert dan is jou training maar zo sterk als je zwakste schakel .

Tempo

Een paard moet leren om met het juiste tempo te leren lopen en hier kunnen we best veel zelf aan doen. En dit begint bij consequent zijn. Een training begint bij het plaats nemen in je zadel. En dat wil zeggen dat ruiter en paard meteen alert moeten zijn. Je laat je paard meteen vlotjes wegstappen met de juiste intentie die van jou komt. Niet pas gaan denken, even instappen en over 10 min word ik wel consequent. Nee vanaf de eerste seconden. En hiermee gaan we kijken of we controle kunnen krijgen over tempo. Als je paard niet beter weet op de duur. Dan weet hij gewoon een ruiter op mijn rug betekent dat ik moet opletten en door stappen.

Ritme

Paarden moeten leren om zelfstandig in hetzelfde ritme te blijven lopen dat jij als eerste aangeeft en je paard moet leren aanhouden. Maar dat wil ook zeggen dat je geen ongecontroleerde hulpen gaat geven die niks betekenen. Want uiteindelijk willen we niet dat we het paard bij elke pas moeten aansporen. En we willen ook niet dat de verbinding van hulpen die jij geeft aan je paard als een ruis overkomen waarvan hij de helft of meer gaat negeren.

Energie

Wanneer we controle hebben over tempo en ritme hebben gaan we het paard beetje bij beetje gaan buigen. Want we willen dat het paard als 1ste de buikspieren gaat aanspannen en de rug omhoog gaat brengen en als 2de we willen dat het paard zijdelings gaat buigen. Dit kost het paard kracht en energie. En vaak bij het maken van een wending of een volte komt het paard terug in tempo en mist het paard energie om de oefening goed te blijven uitvoeren. Dus is het nodig dat we voordat we een oefening gaan rijden we het paard altijd goed voorbereiden. D.w.z. voor een hoek  waken over het tempo. Voor een zijgang wil je zeker weten dat je paard gaat reageren op een zijwaartse beenhulp etc…. En werk je oefening altijd af. Misschien weet jij dat je paard juist vlot word na een bepaalde hoek . Zorg dan dat je ophouding maakt om de energie te controleren en niet weg te laten vloeien. Of weet jij dat je paard juist traag uit een hoek komt zorg dan dat je paard blijft doorlopen.

Contact teugel

Iedereen heeft zo zijn eigen benaming ervoor. Aanleuning, nageefelijk rijden , aan de teugel, rond rijden. Bij mij hielp het om te gaan praten over een contact teugel omdat dit de juiste lading dekt en ook meteen het gevoel goed omschrijft.  Omdat een contact teugel de verbinding is tussen jouw hand en de paardenmond. En die mag uit niet meer ontstaan dan uit een contact. Gemakkelijker gezegd dan gedaan. Ik weet het. Maar je moet erop vertrouwen dat jouw paard jouw hand moet gaan vertrouwen en dit is wederzijds. Jouw paard moet leren dat een contact verbinding zacht en duidelijk is en geen ongemak oplevert. En dat wanneer jij jouw hand naar voor doet je paard graag je hand gaat volgen. En niet reageert met zijn hoofd in de lucht te gooien omdat hij eindelijk verlost is van de druk die hij ervaart als onprettig. Je kan de lengte in de hals maar korter gaan maken als jouw paard het aankan om zijn rugspieren juist langer te maken en de bovenlijn rond te houden steeds in die verbinding. D.w.z. dat een paard in het begin stadium van zijn africhting een groter kader heeft waarin hij in beweegt dan wanneer hij verder staat in zijn africhting en in staat is om zijn lichaam steeds meer te verzamelen en hierdoor een kleiner kader gaat krijgen .

Hoe?

Ok aan de slag nu.
Neem de checklist door en ga kijken hoever je staat in de africhting.

En wat als je erachter kwam dat het allemaal zo goed nog niet ging ?

Focus je niet wat op wat nog niet goed gaat. Maar focus jezelf op je verbeter punten. Je bent nu bewuster geworden en dit is uiteindelijk toch de eerste stap in je ontwikkelingsproces. En het blijft een puzzel de ene keer ligt hij bij je paard en de andere keer moet je hem gaan zoeken bij jezelf. Zolang je maar onthoud dat de weg er naar toe er ook mag zijn. Dat is juist je leerproces en geniet ervan.

De volgende stap om je paard soepel te krijgen is ….

  • Gewoon doen
  • Elke dag beweging geven
  • stap voor stap

 

 

Ik wens je heel veel succes !

Oona.